\
\
voorpagina
prijsvragen
puzzels
wis-spellen
veelvlakken
drogredeneringen
vermoedens
topologie
rekenwerk
links

Abonnementen en adreswijzigingen: 0522 855175 • EnglishContactAbonnementen
WISKUNDETIJDSCHRIFT VOOR JONGEREN
Pythagoras archief

 


februari 1978

Jaargang 17 nummer 4

  
73-75 Papierformaten  
  Over modellen en formaten van papier bestaan er internationale afspraken. Zo kennen ze over de hele wereld de A-formaten, zoals het bekende A4-tje. Maar waarom zijn nu juist deze formaten gekozen en wat voor bijzondere eigenschappen hebben ze? papierformaat, A4 
 Krommen 
76-77 De ei-kromme gevonden  
  Wie bedenkt een elegante formule voor een `ei-kromme': een kromme in het platte vlak met de vorm van een ei? In nummer 1 werd dit probleem gesteld, waarna een enorme hoeveelheid lezers hun eigen ei-kromme opstuurde. Een bijzonder mooi ei kan worden gevonden met een zeer eenvoudige meetkundige constructie, waar bovendien een mooie formule uit af te leiden is! ei-kromme 
  
78-80 Getalpatronen  
  De driehoeksgetallen zijn de getallen 1,3,6,10,... Het zijn de aantallen stippen in een stippen-patroon in de vorm van een driehoek met zijden 1,2,3,4,... Op soortgeleike wijze kun je ook de vierhoeksgetallen, de vijfhoeksgetallen, de kubusgetallen definieren. Kun je ook formules vinden voor deze rijen getallen? getalpatroon, driehoeksgetal, vijfhoeksgetal, kubusgetal 
  
80-82 Cryptarithmie, door Ir. H. Nijon  
  Een interessant gebied van recreatieve wiskunde is het oplossen van arithmetische cryptogrammen. dit zijn getalraadsels waarbij de oorspronkelijke cijfers zijn vervangen door letters. Een voorbeeld is het volgende ingenieuze raadsel: EEN+EEN+TWEE+TWEE+DRIE+DRIE+VIER=ZES10. De 10 letters stellen verschillende cijfers voor. Kun jij het raadsel oplossen zodat de som klopt? Oplossingen van de raadsels staan achterin dit nummer. letterpuzzel, cryptarithmie 
 Oplossingen 
82-85 De Internationale Wiskunde Olympiade  
  De internationale Wiskunde Olympiade werd in 1977 in Belgrado gehouden. Het Nederlandse team behaalde maar liefst een vijfde plaats. In dit artikel worden de uitwerkingen gegeven van de eerste vier opgaven. (Zie ook nummer 3). Internationale Wiskunde Olympiade 
  
86 De Nederlandse Wiskunde Olympiade  
  Op donderdag 16 maart wordt de eerste ronde van de Nederlandse Wiskunde Olympiade 1978 gehouden. In drie uur tijd mogen scholoieren uit 4 en 5VWO proberen zoveel mogelijk opgaven op te lossen. De beste 100 gaan door naar de tweede ronde. Wie de tweede ronde van 1977 heeft gewonnen, dat kun je hier lezen. Nederlandse Wiskunde Olympiade 
 Problemen 
87 Opgaven van de 16e Nederlandse Wiskunde Olympiade, tweede ronde vrijdag 2 september 1977 te Utrecht  
  Op vrijdag 2 september 1977 werd in Utrecht de tweede ronde van de 16e Nederlandse Wiskunde Olympiade gehouden. De 90 deelnemers kregen 3 uur de tijd om deze vier vraagstukken op te lossen. Nederlandse Wiskunde Olympiade 
  
87-90 Biljarten met een bal...  
  Een bekend probleem gaat over een wiskundig biljartspel, waarbij de vraag gesteld wordt: hoe moet je zo tegen een biljartbal aanstoten, dat deze, na treffen van alle 4 de banden, op zijn uitgangspositie terugkeert. Een klassiek probleem. Maar hoe zit het als de biljarttafel rond is in plaats van rechthoekig? meetkunde, spiegeling, cirkel, biljart 
  
91-92 Als er een schaap over de dam is...  
  Hoe bewijs je een oneindig aantal beweringen, allemaal tegelijk? Bekijk het volgende voorbeeld: 1=1, 1+3=4, 1+3+5=9, 1+3+5+7=16,... Het lijkt erop dat de som van de eerste n oneven getallen gelijk is aan n kwadraat. Maar hoe bewijs je zoiets voor iedere waarde van n? Met volledige inductie! bewijsmethode, inductie, volledige inductie 
 Problemen 
92-93 Kruiswoord-dubbelraadsel  
  Een wiskundig kruiswoordraadsel, maar dan in twee etappes! Bijvoorbeeld: gegeven is 23=8. Zoek dan de begrippen die hiermee in verband staan: macht, grondtal, twee, gelijkheid etc. Een van deze woorden moet in het kruiswoordraadsel worden ingevuld. kruiswoordpuzzel 
  
94-96 Spelen met de passer  
  Wanneer je met een passer een cirkel trekt, en vervolgens telkens cirkelbogen naar een volgend punt op de cirkel trekt, ontstaat een soort zesvoudige bloem. Maar waarom valt eigenlijk het zevende punt precies op het eerste punt? Is daar een eenvoudig bewijs voor? meetkunde, constructie, passer 
<-- Vorig nummer Volgend nummer -->

\
pythagoras op papier

 

laatste nummervorig nummerarchiefover pythagoras
abonnementenpostersoude jaargangenkennismakingsnummerVan viervlak naar ster