\
\
voorpagina
prijsvragen
puzzels
wis-spellen
veelvlakken
drogredeneringen
vermoedens
topologie
rekenwerk
'Vier kleuren is voldoende', zegt de computer
Mersenne-priemgetallen
Rekenwerk bij het KNMI
Rekenmeisjes en rekentuig
Gedistribueerde berekeningen
Bewijzen nalopen met de computer
Vedische wiskunde
links

Abonnementen en adreswijzigingen: 0522 855175 • EnglishContactAbonnementen
WISKUNDETIJDSCHRIFT VOOR JONGEREN
\
Rekenmeisjes en rekentuig door Gerard Alberts

 


1: Begin jaren vijftig
2: De rekenafdeling
3: Analyse en benadering
4: Kleine vergissing

Een 'computer' was rond 1950 een mens, een rekenaar, of vaker nog een rekenaarster. Vanaf die tijd ging 'computer' vooral 'rekenmachine' betekenen. Aan de verandering in de vertaling van het Engelse woord computer kunnen we een verschuiving in de betekenis aflezen.
Adriaan van Wijngaarden (1916-1987) was de grondlegger van de informatica in Nederland. Hij sprak wel graag van 'rekentuig'. Zo had hij, net als de Engelsen met 'computer', ook in het Nederlands een woord waarbij hij in het midden kon laten of hij doelde op de apparaten of op zijn medewerkers.


Begin jaren vijftig

Figuur 1. Rekenaarster aan het werk.

De eerste automatische rekenmachines dateren van 1949, de eerste Nederlandse computer kwam gereed in 1952. Ingewikkeld rekenwerk werd voor die tijd met de hand en met het hoofd gedaan, door rekenaars. Toen de computers er eenmaal waren, zaten de rekenaars niet meteen zonder werk. Er was veel rekenwerk te doen en de rekenautomaten waren wel veel sneller dan mensen, maar nog niet erg betrouwbaar. Bovendien was het een hele klus om ze aan het werk te krijgen: de rekenopdracht moest worden omgezet in programma's. In feite gebruikte men de eerste vijf jaar, tot het midden van de jaren vijftig, naast elkaar het handwerk, ponskaartenmachines en computers. In dit artikel bespreken we het rekenen als handwerk. Let wel: ook bij handwerk gebruikte je een machine, meestal een elektrisch aangedreven tafelrekenmachine ter grootte van een forse typemachine met 10 x 10 toetsen. Figuur 1 toont een foto van een werkende rekenaarster.

Al dat rekenwerk diende ter ondersteuning van klussen als het ontwerpen van vliegtuigen of radio's, weersvoorspellingen en het berekenen van kogelbanen. De rekenmethode, het algoritme, werd uitgewerkt op een groot vel, zo groot als een dubbel proefwerkblad, zie figuur 2. Op dit vel gaf de rekenaar die de voorbereiding deed in de bovenrand de onderdelen van de te berekenen functie aan. In de linkerkantlijn noteerde hij de waarden waarvoor de berekening uitgevoerd moest worden. Dit werk noemde men het uittrekken van berekeningen. Al die onderdelen werden dan met elektromechanische rekenmachines uitgerekend en door de rekenaars genoteerd. Dikwijls was de uitkomst een tabel om weer andere berekeningen te kunnen uitvoeren. Alle resultaten en tussenresultaten moesten telkens met de hand worden genoteerd.



1 | 2 | 3 | 4 | next
Trefwoorden: computer, Vedische wiskunde, rekenaar, rekenaarster[printversie]
Uit Pythagoras nummer september 2003

pythagoras op papier

 

laatste nummervorig nummerarchiefover pythagoras
abonnementenpostersoude jaargangenkennismakingsnummerVan viervlak naar ster
 
rekenwerk

 

In jaargang 2003-2004 is het thema van Pythagoras "het rekenwerk" met artikelen over de enorme veranderingen die de afgelopen vijftig jaar hebben plaatsgevonden op rekengebied. Werden vijftig jaar geleden nog tabellen berekend met de hand en met eenvoudige rekenmachines, nu zijn we bijna zover dat we het nalopen van bewijzen uitbesteden aan de computer.