In de drogredening trek je links en rechts de wortel uit: (a - c)2 = (b - c)2. Daaruit volgt niet dat a-c = b-c, want als a-c > 0, dan is b-c < 0 en omgekeerd.
Wat wel daaruit volgt, is dat a-c = -(b-c).
Als je hierin voor c weer (a + b)/2 invult, dan volgt daaruit alleen 0 = 0.
In de wiskunde moet je alles kunnen beredeneren.
Maar met redeneren ga je makkelijk de fout in, want door foute redeneringen kun je dingen bewijzen die niet waar zijn, bijvoorbeeld 1=2. In verschillende nummers van Pythagoras hebben zulke drogredeneringen gestaan. Wie kan bewijzen dat ze fout zijn?